Vragen stellen

Als iets onduidelijk is, dan stel je een vraag. Als iets interessant is, dan wil je meer weten. Zo gaat dat ook bij een socratisch gesprek. Er is een centrale vraag gekozen en iemand heeft zijn eigen ervaring verteld. Dan gaat het gesprek verder met het stellen van vragen. Dat was immers ook wat Socrates deed bij de nietsvermoedende mensen op de Atheense Agora!


Verduidelijken

Vragen stellen doe je ten eerste ter verduidelijking. Misschien is er iets genoemd in de ervaring waarvan jij denkt dat belangrijk is voor de vraag. Misschien mis jij nog iets en is de ervaring nog niet volledig genoeg. Heeft diegene misschien nog niets verteld over zijn gevoel? Of wil je weten wat er gebeurde na dat ene moment? Wellicht is er nog iets anders wat van belang kan zijn.

Open vragen

De beste manier om meer te weten te komen is door open vragen te stellen. Open vragen zijn vragen waar geen ‘ja’ of ‘nee’ op geantwoord kan worden. Zo is ‘Hoe verliep het gesprek tussen Janouska en Karim?’ een open vraag. Je gesprekpartner kan geen ‘ja’ of ‘nee’ antwoorden moet daarom meer uitleg geven. ‘Verliep het gesprek tussen Janouska en Karim goed?’ is een gesloten vraag. ‘Ja’ of ‘nee’ kan het antwoord zijn.

Omdat je bij een socratisch gesprek zoveel mogelijk te weten wilt komen, is het stellen van open vragen de beste manier. Open vragen beginnen vaak met de woorden ‘wie’, ‘wat’, ‘waar’, ‘waarom’ en ‘hoe’. Het stellen van open vragen kan lastig zijn, maar hoe meer je oefent, hoe makkelijker het wordt.


Algemene principes

Het bevragen van de ervaring zal leiden tot het herkennen van overeenkomsten. Er zijn van begrippen of aspecten die vaker terugkomen. Dat zijn algemene principes en kunnen leiden tot een antwoord op de vraag.